- Home
- Biologische agentia
- Doelgroepen
- Welke risicovolle handelingen worden verricht?
- Begeleiders (verzorging)
Begeleiders (verzorging)
Begeleiders kunnen direct te maken hebben met bloed - bloed contact of contact met lichaamsvocht van de cliënt. Voorbeelden hierbij zijn:
-
Bij de algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL). (contact met lichaamsvocht / bloed van de cliënt door vervuild beddengoed, kleding en/of vervuiling van de omgeving).
-
Bij verschonen van incontinentiemateriaal.
-
Bij het douchen, tandenpoetsen, scheren en toiletbezoek van de cliënt.
-
Bij wondverzorging, stoma verzorging, sondevoeding, injectie van medicatie en door prik- en bijtaccidenten.
-
Bij het eten kunnen ziektekiemen verspreidt worden door niezen, hoesten, braken en kwijlen.
-
Bij het samen eten bereiden met cliënten (risico op snijden).
-
Bij agressief gedrag of zelfverwonding.
